
Het juiste systeem voor kwarts-halogeenlampen kiezen
Het opzoeken van een bepaald artikelnummer en het bestellen ervan is een soort gokspel. De meeste mensen zoeken alleen naar een bepaalde vermogenssterkte of lengte, maar dat vertelt je niet echt hoe de lamp zich zal gedragen wanneer deze wordt gebruikt in de praktijk. Wij stoppen de lampen niet zomaar in een doos en sturen ze op. Eerst bekijken we de hittebelasting die de lamp met zich meebrengt.
Het probleem met spanning en hitte
Je zou denken dat het kiezen tussen een 230V- of 400V-lamp alleen te maken heeft met wat je stroombron kan verwerken. Maar dat is niet het geval. Het gaat erom hoeveel stroom er door de lamp stroomt en waar de hitte terechtkomt op het gloeidraad.
Lampen met een hoge vermogenssterkte genereren veel hitte. Ze zijn ideaal voor gebruik bij processen als het blazen van PET of het snel harden van materialen. Maar er is een nadeel: ze zetten grote druk uit op de reflectoren. Als de reflectoren beschadigd zijn of wat geoxideerd lijken, zal het gebruik van een sterke lamp de situatie niet verbeteren. Integendeel: de lamp zal waarschijnlijk eerder kapotgaan.
Kwarts, gas en de “verborgen” fouten
Wij gebruiken kwarts van hoge zuiverheid, omdat dit materiaal de thermische schokken kan weerstaan zonder te breken. Daarnaast zit er nog halogeengas in de lamp. Dit gas voorkomt dat het gloeidraad verdampt en stuurt de hitte terug naar het draad. Hierdoor gaan de lampen langer mee.
Maar hier begint het probleem vaak: de aansluitingen. Of je nu een R7s- of Sk15-lamp gebruikt, dit is een belangrijk punt waar problemen kunnen optreden. Als de aansluiting los zit, ontstaat er veel weerstand. Dat leidt tot lokale oververhitting en uiteindelijk tot beschadigde aansluitingen. Daarom controleren we tijdens onze inspecties ook de kwaliteit van de aansluitingen. Een topklasse lamp is nutteloos als de verbindingen beschadigd raken.
Het vinden van het optimale compromis
Kortgolfemitters zijn erg handig, omdat ze snel werken. Maar ze dringen niet diep genoeg door. Als je met dik polymeer werkt, kan een standaard kwartslamp de oppervlakte verbranden, terwijl het midden van de lamp nog steeds koud blijft. Dat is frustrerend. In zulke gevallen raden we aan om emissoren te gebruiken die een andere golflengte hebben. Hierdoor krijg je betere penetratie, al verlies je wel iets aan intensiteit.
Het is een compromis. We willen je liever helpen om het juiste evenwicht te vinden, in plaats van dat je het moet raden op basis van een catalogus.